Vol

We zitten in een minibus te wachten tot hij vol is, eerder vertrekt hij niet. Maar het duurt niet lang, al snel zijn alle 13 zitplaatsen bezet en vertrekken we. Vol is wel het goede woord. Ik zit tussen vier mensen op de achterste rij. Mijn koffer staat achter mij, in een niet bestaande bagageruimte. Voor mij hoofd is geen plek, die probeer ik tussen mijn schouders te duwen. Mijn voeten zitten klem. Arja zit in de rij voor mij, haar koffer staat een rij verder naar voren op een plek waar je voeten verwacht. We zijn nog maar net begonnen aan de reis van zo’n 50 kilometer als de bus weer stopt. Langs de kant van de weg staat een meneer die ook graag meewil. Dat kan natuurlijk en ook voor zijn koffer is nog ruimte te vinden.

Vorige
Vorige

Boomkap

Volgende
Volgende

Olifanten en zo